Home
BLIJF OP DE HOOGTE
Ontvang onze nieuwsbrief en digitale magazine
Uw adres wordt nooit aan derden doorgegeven.
Lees onze privacyverklaring.

       

ARTIKEL
Bio-energie in trek bij procesbedrijven Biostoom van de buren in opkomst
Download dit artikel als pdf
Is uw adres bekend, dan wordt de pdf meteen geopend, anders krijgt u een link toegestuurd.
Ook ontvangt u onze volgende nieuwsbrief.

Bio-energie in trek bij procesbedrijven

Biostoom van de buren in opkomst

Het aantal procesbedrijven dat zijn stoomvraag dekt uit bio-energie groeit. Subsidiepot SDE+ zorgt voor een gezonde businesscase en dankzij een externe energiedienstverlener hoeven bedrijven zelf niet te investeren. Niet de minste bedrijven – FrieslandCampina en Nouryon – bijten het spits af.
Sinds voorjaar 2017 neemt Nouryon op Chemiepark Delfzijl stoom af van Eneco’s ‘Bio Golden Raand’-centrale. Het bedrijf gebruikt de biostoom voor het kristallisatieproces van de zoutproductie in Delfzijl. De biomassacentrale (135 MWth), die draait op jaarlijks 300.000 ton afvalhout, geeft de warmte van zijn rookgassen via warmtewisselaars af aan een watercircuit, dat stoom produceert van 90 bar en 520 °C. Speciaal voor Nouryon brengt Eneco de stoomspecificaties terug naar 30 bar en 300 °C. In Hengelo doet Nouryon hetzelfde. Vorig jaar nam afval- en energiebedrijf Twence zijn vernieuwde biomassacentrale (45 MWth) op industrieterrein Boeldershoek in bedrijf. De stoom, die wordt opgewekt door afvalhout en gft-resten te verstoken, gaat vanuit het om de ketel aangelegde watercircuit via een glimmende pijpleiding naar de zoutfabriek van het chemiebedrijf. Voor het drogen van het zout neemt Nouryon al langer stoom van de afvalverbrander van Twence af. Twence heeft nu ook een intentieovereenkomst gesloten voor toekomstige biostoomafname met bandenfabrikant Apollo Vredestein en bierbrouwer Grolsch in het naastgelegen Enschede.

Gerelateerde expertise

Bio-energie in trek bij procesbedrijven BIOSTOOM VAN DE BUREN IN OPKOMST Het aantal procesbedrijven dat zijn stoomvraag dekt uit bio-energie groeit. Subsidiepot SDE+ zorgt voor een gezonde businesscase en dankzij een externe energiedienstverlener hoeven bedrijven zelf niet te investeren. Niet de minste bedrijven – FrieslandCampina en Nouryon – bijten het spits af. Sinds voorjaar 2017 neemt Nouryon op Chemiepark Delfzijl stoom af van Eneco’s ‘Bio Golden Raand’-centrale. Het bedrijf gebruikt de biostoom voor het kristallisatieproces van de zoutproductie in Delfzijl. De biomassacentrale (135 MWth), die draait op jaarlijks 300.000 ton afvalhout, geeft de warmte van zijn rookgassen via warmtewisselaars af aan een watercircuit, dat stoom produceert van 90 bar en 520 °C. Speciaal voor Nouryon brengt Eneco de stoomspecificaties terug naar 30 bar en 300 °C. In Hengelo doet Nouryon hetzelfde. Vorig jaar nam afval- en energiebedrijf Twence zijn vernieuwde biomassacentrale (45 MWth) op industrieterrein Boeldershoek in bedrijf. De stoom, die wordt opgewekt door afvalhout en gft-resten te verstoken, gaat vanuit het om de ketel aangelegde 14 Solids Processing | nr. 2 | april 2019 Solids Processing | nr. 2 | april 2019 15 ENERGIETRANSITIE | Pieter van den Brand watercircuit via een glimmende pijpleiding naar de zoutfabriek van het chemiebedrijf. Voor het drogen van het zout neemt Nouryon al langer stoom van de afvalverbrander van Twence af. Twence heeft nu ook een intentieovereenkomst gesloten voor toekomstige biostoomafname met bandenfabrikant Apollo Vredestein en bierbrouwer Grolsch in het naastgelegen Enschede. NIET TOEVALLIG Beide biostoomprojecten zijn niet toevallig ontstaan, maakt Director Energy Marcel Galjee van Nouryon meteen duidelijk. “Dit zijn bewuste en logische keuzes. Achter de vergroening van onze energievoorziening zit een langjarige structurele visie.” Nouryon haalt inmiddels meer dan 45% van zijn energie uit duurzame bronnen, waarmee het energie-intensieve bedrijf voor de internationale chemie een uitzonderlijk energieprofiel bezit. Galjee licht toe: “We willen minder afhankelijk worden van fossiele bronnen als aardgas. Natuurlijk hebben we gekeken of we zelf bio-energie konden opwekken. Maar als je samen met andere partijen een goed alternatief op de lange termijn kunt vinden, waarom zou je dat dan doen? Twence heeft een warmteoverschot en wij hebben veel stoom nodig voor ons proces. CO2-reductie ligt binnen handbereik of in ons geval binnen zichtafstand. Ook de financiële component speelt mee. Energie is een enorme kostenpost. We zijn daar heel scherp op. Betaalbaarheid van energie is voor elke onderneming essentieel en voor ons als energie-intensief bedrijf des te meer, maar dat kan uitstekend samengaan met verduurzaming op de lange termijn.” KAAS Sinds eind 2017 zet ook FrieslandCampina biomassa in voor de productie van stoom. De biostoom voor de kaasfabriek van het zuivelconcern in het Overijsselse Balkbrug komt een paar honderd meter verderop uit de bio-WKK van de firma Brouwer. Dit bedrijf verzorgt het groenonderhoud langs snelwegen en zocht een aantrekkelijke bestemming voor het vele snoeiafval. Op het eigen bedrijfsterrein werd in 2016 een kleine stoomturbine (10 MWth) in gebruik genomen die jaarlijks 25.000 ton houtsnippers verwerkt tot stroom en stoom. De stoom is volledig bestemd Biomassastromen van dichtbij Het gros van de biomassa die naar de bioenergieopwek gaat (82% in 2017) komt uit Nederland. De rest komt uit omringende landen, aldus het Platform Bio-energie. Tachtig procent van de gebruikte biomassa zijn houtsnippers, afkomstig van het kap- en snoeiwerk in Nederlandse bossen en houtzagerijen. Energierijke houtpellets (tot brokjes geperst houtachtig materiaal) beslaan slechts 0,3% van de biomassa-input, maar dat aandeel groeit door de bijstook in kolencentrales. Houtvezelverwerkende bedrijven als Graanul, Labee en Martens Eko werken de pellets met brekers en persen op naar de juiste specificaties (doorgaans enkele mm’s groot). De pellets gaan direct de ketel in of worden eerst vermalen en vervolgens ingespoten, net als het poederkool in de energiecentrales. Eneco en Twence gebruiken niet-herbruikbaar afvalhout (B-hout) uit onder meer bouw- en sloopafval, en grof huisvuil. Deze reststromen zijn tot houtsnippers en shreds opgewerkt. Eneco en Twence gebruiken niet-herbruikbaar afvalhout (B-hout) uit o.m. bouw- en sloopafval, en grof huisvuil. Deze reststromen zijn tot houtsnippers en shreds opgewerkt. (Foto: Twence) ‘CO2-reductie ligt binnen handbereik of in ons geval binnen zichtafstand’ Stoomleiding van afval- en energiebedrijf Twence naar de zoutfabriek van Nouryon in Hengelo. (Foto: Twence) Dit artikel is afkomstig uit Solids Processing www.solidsprocessing.nl © ProcesMedia Solids Processing | nr. 2 | april 2019 17 ENERGIETRANSITIE voor de pasteurisatie van de melk en het indampen van de wei in het kaasproductieproces van FrieslandCampina. Het stoomcondensaat wordt gebruikt voor het reinigen van de installaties en vervolgens naar de stoomketel teruggevoerd. De installatie, gebouwd door het Belgische technologiebedrijf Vyncke, levert jaarlijks 55.000 ton stoom en vervangt daarmee 5,5 miljoen m3 aardgas. DUURZAME OPLOSSING Ook bij FrieslandCampina is de biostoomafname niet zomaar een ‘groene’ energiesnipper, maar vormt onderdeel van de duurzame-energieambities van het zuivelbedrijf. De ketels van de melkpoederfabriek in Borculo worden verwarmd met biogas uit de mestvergister van het bedrijf Groot Zevert. Net als Nouryon kiest ook FrieslandCampina voor een ESCo (energie service company). “Als we een specifieke cruciale expertise niet in huis hebben en wel willen doorpakken”, licht Sustainability Manager Global Supply Chain Klaas Vos toe, “dan kijken we extern. Natuurlijk wegen de kosten mee, maar duurzamere oplossingen voor onze energievoorziening zijn wel leidend.” Investeren in een eigen bio-stoomketel of bio-WKK overweegt het bedrijf niet, aldus Vos, “maar dat betekent niet dat we het per definitie uitsluiten voor de toekomst.” TECHNOLOGIETRADITIE Bio-energie zit in de lift, weet adviseur Duurzame Energie Sander Peeters van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). Peeters trekt deze conclusie uit het aantal aanvragen en beschikkingen voor de SDE+-regeling, die RVO namens de rijksoverheid uitvoert. Technisch gezien vormen de reeds uitontwikkelde HR bio-ketels en bio-WKK’s geen hindernissen. Bio-energieinstallaties zijn robuust, het aantal leveranciers is groot (bekende namen zijn HoST, KARA Energy Systems, Vyncke en Eteck). ‘Betaalbaar en geen gedoe’ zijn de kernwoorden voor de industriële bio-energiegebruiker, aldus Peeters. De grootste drempel is de initiële investering in een installatie. “Bedrijven willen zelf wel investeren, maar de druk vanuit de aandeelhouders op een zo hoog mogelijke winst-ratio is groot. Als de terugverdientijd niet meer dan twee of drie jaar mag bedragen, wordt het lastig. Bij duurzame warmte uit biomassa praat je over een terugverdientijd van vier tot vijf jaar voor bio-stoomketels en zes jaar voor bio-WKK’s.” Veel nieuwe initiatiefnemers gaan daarom in zee met een ESCo. Ze hoeven dan zelf geen grote investeringen te doen en geen extra personeel, technische knowhow en kennis in huis te halen. Ook bouwers van bio-energie-installaties zijn als ESCo actief. Peeters laat een lijstje zien van zo’n 25 bedrijven, naast technologiebouwers ook energiebedrijven en grote installateurs, die volgens hem om projecten staan te springen. De SDE+-regeling die bij duurzame energieopwekking de onrendabele top financiert, speelt een hoofdrol in het gezond krijgen van de businesscase van bio-energie. Twence kan voor zijn biomassacentrale tot 2030 op subsidie rekenen en met die extra middelen bij Nouryon een concurrerende stoomprijs neerleggen. De biostoom voor FrieslandCampina wordt eveneens langjarig door de SDE+ geschraagd. Peeters ziet de businesscase alleen maar beter worden. “De CO2-prijs gaat gestaag omhoog en ook de gasprijs neemt toe met de stijgende energiebelasting op aardgas. Op dit moment is stoom uit biomassa even duur als stoom uit aardgas, en vaak zelfs iets goedkoper. Op termijn gaan we helemaal van het gas af en is dat geen referentiecase meer.” ● Aandeel bio-proceswarmte kan vertienvoudigen In 2017 consumeerde de industrie voor 4,7 PJ aan met bio-energie opgewekte proceswarmte. Een studie van het Enschedese onderzoeksbureau Procede in opdracht van RVO zet de potentie van bioenergie binnen de industrie op 40,9 PJ, wat neerkomt op 2,5 Mton CO2-reductie, te realiseren bij 15 chemiebedrijven (12,2 PJ), 52 bedrijven in de zuivelverwerkende industrie (11,6 PJ), 110 meelverwerkende bedrijven (11,4 PJ), 350 bedrijven in de papierindustrie (10,6 PJ), 18 bedrijven in de margarine-, vetten- en oliën-industrie (8,9 PJ), 15 aardappelverwerkende bedrijven (6 PJ) en 5 bierbrouwerijen (2,2 PJ) in Nederland. Voor de kaasproductie in Balkbrug betrekt FrieslandCampina stoom die wordt opgewekt door de bio-WKK van de dichtbij gelegen firma Brouwer. (Foto: Bio Brouwer Centrale) Solids Processing www.solidsprocessing.nl © ProcesMedia
PROCES MEDIA
Solids Processing Fluids Processing MB Maintenance SchuettgutPortal
Ontvang onze nieuwsbrief
Nieuwsbrief archief
Volg ons
Linked
MAGAZINE
Abonneren
Service en contact
ContactDisclaimerPrivacyAdverterenLogin controlpanel